Matthias Boe en Carsten Mogensen hebben hun tweede Super Serie op rij gewonnen. Nadat ze vorige week de Olympische kampioenen van 2008 in de finale versloegen, wonnen zij vandaag de finale van de French Open in Parijs. Wat is nou precies hun kracht?
Om te beginnen zijn hun eerste drie, vier slagen ontzettend goed verzorgd. Vooral Matthias zorgt voor erg veel druk aan het net en weet de shuttles zo te spelen dat Mogensen in het achterveld zijn ding kan doen. Daarnaast heeft Mogensen een solide verdediging en kan hij onder grote druk de shuttles nog in alle hoeken plaatsen. Beide hebben het vermogen om één stap vooruit te denken en zij kunnen moeiteloos ”the empty corner” bij de tegenstander vinden.
Maar dat is niet alles. Deze jongens zijn namelijk een hecht team. Ook als het even moeilijk gaat zijn zij er voor elkaar en dat is knap! Het voorbeeld hiervan is hun overwinning tijdens de Bitburger Open in september. De Bitburger is een Grand Prix Gold toernooi. Eén niveau onder het Super Serie level. Voor deze jongens dus gesneden koek en als nummers 2 van de wereld werden zij geacht het toernooi fluitend op hun naam te schrijven. Dat bleek helemaal niet zo makkelijk te gaan. In de eerste ronde waren zij zeer dicht bij uitschakeling. Het was sjouwen en heel hard werken. De spirit die je bij ze ziet bij een Super Serie was er toen helemaal niet. Ontzettend knap is het dan om er op de belangrijke punten toch te staan en een derde game te winnen met 21-19. Ook in de halve finale lagen ze er bijna uit, maar altijd is daar toch weer even een lichte aanraking naar elkaar toe. Een box of een high 5! Een teken van onvoorwaardelijke steun naar elkaar toe. Uitstralen dat ze de wedstrijd niet gaan verliezen, ook al zitten ze er niet lekker in. Bovendien is het een gebaar naar de tegenstanders toe en die zullen er niet vrolijk van worden. De finale was een formaliteit tegen dezelfde tegenstanders als vanmiddag in Parijs. Alleen echte kampioenen kunnen dat!
Tags: Bitburger, Boe, French Open, Mogensen